Stichting Rusland Kinderhulp
is een niet politieke, humanitaire
hulporganisatie die zich met alleen
vrijwilligers vanuit een bijbelse
overtuiging al meer dan 15 jaar
bezighoud met kinderhulp in Wit-
Rusland. Haar zusterorganisatie Help
People bied hulp aan kinderen en
oudere invalide mensen in een land
waar dat nog hard nodig is.
Belarus > lees de verschillende achtergronden.

vlag-witrusland.jpg

Tsjernobyl "het ware verhaal" 

  





 

Aanleiding van de activiteiten en oprichting van Stichting Rusland Kinderhulp ( SRK) was de grootste kernramp in Europa ooit. De gevolgen voor Belarus waren het grootst.
Het gaat Stichting Rusland Kinderhulp niet direct om de ramp, maar wel om de helpende hand te bieden voor gezinnen met kinderen, voor weeskinderen, voor zieke, invalide en arme mensen in het algemeen. 

"Tsjernobyl25later" is een eenmalige activiteit omdat de ramp in Wit Rusland al lang over is. Natuurlijk zijn er slachtoffers, natuurlijk is er een besmet gebied. Maar vooral de psychische gevolgen zijn groot. Arm of rijk het maakt niet uit. De kinderen die naar Nederland komen vooral uit de gebieden waar de bevolking van de 400 ontruimde dorpen zijn geplaatst.

Zoals al eerder is opgemerkt, er is geen één opjectief verhaal te vinden over de gevolgen van kernenergie wel kunnen we u enkele informatie geven almede websites.

http://www.kennislink.nl/publicaties/slachtoffers-van-tsjernobyl

De plaats Tsjernobyl

Tsjernobyl is een stad aan de rivier Pripjat, gelegen in het noorden van Oekraïne, niet ver van de grens met Wit-Rusland. Voor de ramp had de stad ongeveer 15.000 inwoners; nu wonen er alleen nog wat oude mensen, die ondanks alles terug zijn gegaan. De naam van de stad is tegenwoordig synoniem met het ongeval met de kerncentrale te Tsjernobyl op 26 april 1986. Dit was het eerste en tot nu toe enige ongeval met een kerncentrale waarbij grote hoeveelheden radioactieve stoffen vrij kwamen en er grote gevolgen voor de volksgezondheid waren. Echter, rondom de opwerkingsfabriek Majak in Rusland zijn in de jaren 50 en 60 twee grote en diverse kleine nucleaire ongelukken geweest waarbij eveneens grote hoeveelheden radioactiviteit over meer dan 26.000 km2 bewoond gebied werden verspreid.

 

De ramp, 135.000 mensen geëvacueerd.

Op 26 april 1986 werd in kernreactor nummer 4 van het complex een test uitgevoerd. De jonge maar ervaren avondploeg ging testen of er bij uitval van de stoomturbine nog genoeg vermogen was om de koelinstallatie in bedrijf te houden. Hiervoor was een deel van het veiligheidssysteem van de reactor uitgeschakeld. Door een miscommunicatie tussen de reactoroperator en de koelwateroperator en door fouten in het ontwerp van de reactor raakte het koelwater echter aan de kook. De reactoroperator trok alle regelstaven (op 6 na) omhoog, terwijl de koelwateroperator het koelwaterniveau liet dalen. Hierop trad een mechanisme in werking dat de reactor 'op hol deed slaan' (dit wordt een meltdown genoemd). De energieproductie liep op tot tien keer het normale niveau, de brandstofstaven smolten doordat de temperatuur opliep tot meer dan 2000 °C en het koelwater raakte nog verder verhit. Onder de extreme druk scheurden de leidingen van het koelsysteem en sloeg de ontsnappende stoom het dak weg. Dit veroorzaakte een radioactieve stofwolk in de atmosfeer. Deze ontploffing vond plaats midden in de nacht, toen de meeste inwoners van Tsjernobyl sliepen.

Een na de ramp verlaten dorp nabij Tsjernobyl, bij de brand en de explosie kwamen 31 mensen om. Evacuatie van de directe omgeving kwam pas op 27 april op gang; na tien dagen waren circa 135.000 mensen geëvacueerd uit een gebied met een straal van 30 km rond de reactor. Ongeveer 3500 inwoners weigerden het gebied te verlaten omdat ze liever stierven aan de radioactiviteit dan aan heimwee. In 2006 waren hiervan nog slechts 400 in leven.

 

Verspreiding van radioactiviteit over Europa

Er kwam een grote wolk met radioactief materiaal in de atmosfeer, die door de wind naar het noorden en het noordwesten werd gedreven. De eerste melding van het ongeluk kwam niet van de sovjetautoriteiten, maar van onderzoekers die radioactieve neerslag opmerkten in Zweden. De meeste neerslag met radioactieve stofdeeltjes kwam vrij gedurende de eerste tien dagen na het ongeluk. Rond 2 mei bereikte de radioactieve wolk Nederland en België.

Deze fall-out van het ongeluk zou over een groot deel van Europa trekken. In Nederland kreeg het RIVM de opdracht om de metingen te intensiveren en werd een graasverbod ingesteld om besmetting van melk te voorkomen. Tevens mocht net geoogste bladgroente niet verkocht worden. In België echter werd geen enkele maatregel genomen. Weerman Armand Pien mocht in zijn weerbericht zelfs niets lossen over de radioactieve wolk. Het was zelfs zo erg dat de ministers elkaar tegenspraken. In de landen rond Oekraïne waren er mensen die jodiumtabletten innamen, om te voorkomen dat hun schildklier vrijgekomen radioactief jodium op zou nemen.

Schattingen over aantallen slachtoffers

De schattingen in de media over het aantal mensen dat onder de straling te lijden heeft gehad, lopen sterk uiteen. Om duidelijkheid te scheppen is er internationaal onderzoek gepleegd onder regie van de Verenigde Naties (VN). In diverse VN-studies is vooral gekeken naar de meest getroffen gebieden, dus Rusland, Wit-Rusland ('Belarus') en natuurlijk Oekraïne, waar de verongelukte centrale staat. Bij dit onderzoek is door de VN met de lokale regeringen samengewerkt in het zogenoemde Tsjernobyl Forum.

Volgens het Tsjernobyl Forum is er een groep van 600.000 mensen aan te wijzen, die een stralingsdosis heeft ontvangen die significant is. Tot deze groep behoren 200.000 reddingwerkers (die opruim- en herstelwerkzaamheden hebben verricht), 116.000 geëvacueerden en 270.000 inwoners van de meest besmette gebieden. Van deze groep van 600.000 personen zullen volgens de VN ongeveer 4000 personen overleden zijn of nog in de toekomst overlijden ten gevolge van het ongeval.

Omdat in iedere bevolking meestal 25 tot 33 procent van nature aan kanker overlijdt, zullen er van de groep van 600.000 personen op termijn 150.000 tot 200.000 personen aan 'natuurlijke' kanker of leukemie sterven. Als ten gevolge van 'Tsjernobyl' daarbovenop nog 4000 personen sterven, is duidelijk dat het statistisch lastig is de extra sterfte ten gevolge van 'Tsjernobyl' vast te stellen.

 

Nasleep en sluiting centrale

Na de explosie in de reactor was de eerste zorg om de brand te blussen, die was ontstaan na de ontbranding van koolstofmonoxide. Er was echter ook radioactief materiaal de omgeving in geworpen. Hierdoor werden de puinruimers, dienstplichtigen van het leger, aan een enorm hoge stralingsdosis blootgesteld. In vier minuten liepen de soldaten een hogere stralingsdosis op dan de gemiddelde Nederlander in een leven.

Nadat de brand geblust was en de grote brokken radioactief materiaal in de krater waren geworpen werd reactor 4 ingepakt in een betonnen sarcofaag, die in november 1986 klaar was. De overige drie reactoren kwamen na verloop van tijd weer in bedrijf. De bouw van reactor 5 en 6 werd in 1989 gestaakt.

De regering van Oekraïne stond sinds het ongeluk onder grote internationale druk om de reactor, die 5% van het land van energie voorzag, te sluiten. Na een ontmoeting met de Amerikaanse president Bill Clinton werd besloten de reactors nog voor het begin van de winter van 2000 te sluiten. Slechts dagen voor de sluiting probeerde het Oekraïense parlement de sluiting nog uit te stellen naar het voorjaar van 2001, maar vrijdag 15 december 2000 werd de energiecentrale in Tsjernobyl voorgoed gesloten.

In 1995 had Oekraïne $900 miljoen aan de G8-landen (toen G7-landen) gevraagd om de Tsjernobyl-installatie permanent stil te kunnen leggen. In 1997 sloten Oekraïne en de Europese Bank voor Herstel en Ontwikkeling een overeenkomst over de oprichting van een beschermingsfonds voor Tsjernobyl en voor de financiering van een uitvoeringsplan om een blijvend omhulsel voor de centrale te bouwen, een sarcofaag. Pas daarna was de sluiting van eenheden 1 en 3 mogelijk. De ramp heeft ook het imago van kernenergie een flinke klap toegebracht.

Doodoorzaak no. 1
Volgens onofficiële bronnen is het aantal inwoners nu minder dan 10.000.000. Doodsoorzaak nr. 1 zijn hart-, vaat- en bloedziekten (53%) en op de 2e plaats kanker met 14%.

Tbc / aids
Per 100.000 inwoners zijn er 52 besmet met TBC. In Wit Rusland is dit een stijging van maar liefst 50% sinds 1990. Ook werden er dit jaar officieel 30 nieuwe gevallen van AIDS geregistreerd. Nu zouden er meer dan 3.000 mensen geïnfecteerd zijn met het HIV virus. De grootste bron van besmetting en verspreiding worden de overvolle gevangenissen genoemd.